Amsterdam is een spectaculair natuurgebied

Daniël Mulder

26-05-2017 00:00:00

De nieuwe natuurfilm De Wilde Stad laat natuur zien waar de meeste stedelingen geen weet van hebben. Roots-redacteur Daniël Mulder loopt met de makers een dag door natuurgebied Amsterdam.

Foto: De Wilde Stad / Frans Lemmens

In een overzichtelijke wereld leven dieren en planten in een natuurgebied en is de stad het domein van de mens. Maar de wereld is niet overzichtelijk. Ook in de stad krioelt het van de mieren, merels en muizen, en met wat geluk zie je een sperwer een vogeltje pakken. Het gekke is: bijna niemand ziet die stadsnatuur. Ik moet zeggen: bijna niemand ziet het echt. Al die eiken, varens, dagpauwogen, ratten, ringslangen, vossen en halsbandparkieten, die bonte stoet levendigheid die er schuimt tussen het beton, trams en asfalt, het blijft vaak onopgemerkt. Het gros van de mens meent dat er in een stad alleen maar mensen leven.

Foto: De Wilde Stad / Frans Lemmens

Ik had afgesproken in Amsterdam, met enkele makers van de film De Wilde Stad. De intrigerende ondertitel luidt ongeziene natuur. Die film, die 1 maart in première gaat, gaat over dieren en planten die in natuurgebied Amsterdam leven. En dat die levens bijzonder zijn, en uniek. Maar dat moet je dus wel zien. In essentie gaat de film misschien wel over kijken. Over goed kijken naar de wereld om je heen. En jezelf af en toe de vraag stellen: wat loopt/vliegt/groeit daar eigenlijk?

Het programma voor de dag was overzichtelijk: een paar shots maken voor enkele korte promotiefilmpjes. Jip Louwe Kooijmans van de Vogelbescherming speelt een rol in die filmpjes. Jip is een bijzonder figuur. Hij is een rocker die goed gitaar speelt, waanzinnig veel van stadsvogels weet en in een torenflat woont die zo hoog is dat je je een vogel waant. We stonden voor het raam en keken naar buiten. “Normaal is het uitzicht fantastisch, maar nu niet.” Het regende en over Amsterdam lag een grijze waas. We keken naar de lucht en hoopten dat het droog zou worden.

Een kletsnatte ooievaar

Het werd een beetje droog. We gingen naar park Frankendael. Daar broedt op een schoorsteen, die middenin de speeltuin staat, een ooievaar. Jip: “Geloof het of niet, maar er zijn mensen die hier dagelijks de hond uitlaten en geen idee hebben dat er een ooievaar broedt boven hun hoofd.” De ooievaar liet zich niet zien. Pas toen het helemaal droog werd stak hij zijn natte kop boven het nest uit. Ondertussen fietste Jip een paar keer heen weer voor een mooi camerashot. Telkens zag hij allerlei vogels passeren: “Daar, een tjiftjaf. Kijk, zwarte kraaien. Wauw, twee sperwers!” Ik zag ze omdat hij ze aanwees.

Sperwer (Foto: Roos Tol)

In de trein op weg naar huis vroeg ik mij af hoe belangrijk kennis is om dieren en planten te zien. Conclusie: cruciaal. Zonder kennis zie je louter groen behang. Ondertussen passeerde ik de Oostvaardersplassen. Op de vlakte scharrelden massa’s edelherten, heckrunderen en ganzen. Geen forens keek naar buiten. Nog een conclusie: naast kennis is kijken ook belangrijk. Want of je nu in Amsterdam bent of in de Oostvaardersplassen, je moet natuurlijk wel eerst om je heen kijken, anders blijft alles ongezien. Begin daarom straks maar eens met de film De Wilde Stad, dan zie je wat je allemaal mist.

Recente Editie

Meer Blog