‘Jagers zijn watjes die niet tegen druk kunnen’

Daniël Mulder

16-12-2016 00:00:00

Voor een twijfelaar en nuance-adept als ik, is het heerlijk om even rond te dwalen op de website van De Faunabescherming. Want in de overzichtelijke wereld van De Faunabescherming bestaan geen grijstinten. Alles is zwart of wit. ‘Jagen? Natuurlijk niet!’, luidt dan ook hun motto.

Young red deer standing in forest in autumn. Watch tower in background

(Foto: iStock)

Bij De Faunabescherming houden ze van het uitroepteken en zijn ze nog oprecht verontwaardigd als bijvoorbeeld de Bond van Friese VogelWachten (BFVW) plannen heeft om volgend jaar zes- tot tienduizend kievietseieren te rapen en deze machinaal uit te laten broeden om de jongen na zes weken weer uit te zetten. De Faunabescherming heeft duidelijk geen vertrouwen in dit plan als je het bericht op hun site leest: ‘Hoe de BFVW denkt duizenden jonge kievieten zes weken lang te kunnen voeden en opvoeden is volledig onduidelijk en tot mislukken gedoemd. Niemand heeft daar enige ervaring mee.’ Ik zou zeggen: bel ze even en vraag het. Te genuanceerd gedacht.

Durf te twijfelen
Ook smullen is het artikel ‘De jachtwereld in een notendop’ waarin uitgebreid wordt verhaald over een tandarts (en jager) op Terschelling die een smokkelactie had beraamd met reeën om die op Terschelling weer vrij te laten. Feiten staan er nauwelijks in dit stuk, maar dat hoeft ook niet, want feiten zijn als muggen: irritant en lastig op te sporen.

Met zelfverzekerdheid is niets mis, maar enige vorm van twijfel over hoe de wereld werkt, getuigt wel van een open geest. Wie twijfelt geeft de waarheid kans te ademen. Heel benieuwd ben ik daarom naar de reactie van De Faunabescherming op het bericht dat de Wageningen Universiteit eind november publiceerde. Zij hebben samen met de Universiteit van Oslo uitgezocht wanneer een jager besluit de trekker over te halen als er een edelhert in het vizier is.

A big game Elk hunter aiming his rifle at a big bull Elk in an open medow. Focus is on the hunter.

Een jager heeft een wapiti in het vizier. Deze soort werd vroeger als een ondersoort van het edelhert beschouwd. (Foto: iStock)

De onderzoekers verzamelden gegevens van de jacht op edelherten. Zij analyseerden een dataset met 256 jachtlocaties uit West-Noorwegen uit de periode 1999 – 2010, met niet alleen de bejaagde dieren, maar ook het wild dat was gezien, maar niet geschoten. De 181.989 beslismomenten van de jagers werden gecombineerd met gegevens over het weer en de fase van de maan.

Wat blijkt? De onderlinge concurrentie tussen jagers, de omvang van de groep jagers en de periode van het jachtseizoen bepalen of een jager de trekker overhaalt. Vooral in de laatste week van het jachtseizoen kan het wild zich maar beter gedeisd houden. Daarnaast blijkt dat wanneer een dier vaker opduikt een jager minder snel besluit te schieten. Dat zal het Bambi-effect zijn.

“De bevindingen laten zien dat de menselijke factor in de jacht een grote rol speelt,” zegt de Wageningse onderzoeker Andries Richter in een persbericht. We wisten natuurlijk al dat het de jagers zijn die de dieren doodschieten. Maar nu weten we ook wanneer en waarom ze het doen. Het heeft vooral met groeps- en tijdsdruk te maken. Ik betwijfel of dit nieuwe  inzicht voor nuance zorgt bij De Faunabescherming. Daarom geef ik alvast de kop voor boven een artikel over dit onderwerp cadeau: ‘Jagers zijn watjes die niet tegen druk kunnen!’

Foto header: Hans van Wijck

Recente Editie

Meer Blog