Platanen kennen we als die sterke bomen uit het zuiden, met hun camouflageachtige bast in tinten bruin, groen, geel en grijs. Het echtpaar Vandenbulcke en Groeneweg ontdekte het grote belang van deze bomen voor insecten, met name de plataannetwants. Natuurfotograaf Edwin Giesbers ging met hen op onderzoek uit.
Als actieve leden van zowel IVN als KNNV houden Vera Vandenbulcke en Gerrit Groeneweg zich al lang bezig met onderzoek naar insecten en andere geleedpotigen. “We keken vooral naar loopkevers en wantsen”, vertelt Vandenbulcke. “We monitoren veel voor beheerders van natuurterreinen en loopkevers zijn goede indicatoren voor de stand van zaken in elk gebied. We kijken ook het liefst een aantal jaren na elkaar hoe een gebiedje zich ontwikkelt. Het gaat ons niet om bijzondere soorten. Gewoon, wie woont daar en hoe ontwikkelt de bewoning zich daar op iets langere termijn.”
En dat Vandenbulcke en Groeneweg niet over één nacht ijs gaan met hun onderzoeken, bewijst ook wel hun 5 jaar durende plataanonderzoek. Aanleiding daarvoor was een kleine, prachtige wants met een netachtig schild: de plataannetwants. Groeneweg: “Tijdens een excursie van de Wantsenstudiegroep van het Natuurhistorisch Genootschap van Limburg maakten we kennis met de plataannetwants, een Noord- Amerikaanse exoot die zijn leefgebied vanuit Italië noordwaarts uitbreidde. Omdat op dat moment de wants in Nederland Limburg had bereikt en ook in het stadshart van Antwerpen voorkwam, leek het ons een kwestie van tijd voordat het diertje ook de omgeving van Bergen op Zoom zou bereiken. Het was die noordelijke uitbreiding die we wilden volgen en in kaart brengen.”
Vandenbulcke en Groeneweg begonnen hun onderzoek in Bergen op Zoom in 2018 in de – hoe kan ook anders – Plataanstraat. In de winter, want dan zitten de wantsen onder de loszittende schors. En in die winter van 2018 vonden ze de eerste wantsen, vier in totaal.

De plataannetwants
Met een grootte van 3,5 tot 3,7 mm is de plataannetwants bijzonder klein, maar niet te verwarren met andere insecten door een spierwit, netvormig patroon van aders op de vleugels. “Met hun zuigsnuit zuigen ze sappen uit het blad van de plataan”, vertelt Groeneweg. Deze wants is afkomstig uit Noord- Amerika en men vermoedt dat het insect Europa per schip heeft bereikt. De soort werd voor het eerst gemeld in Italië in 1964, vervolgens heeft de wants haar leefgebied gestaag uitgebreid: eerst Zuid-Europa en langzamerhand steeds meer oostwaarts en noordwaarts. De soort wordt sinds 2001 uit Keulen gemeld, vanaf 2008 uit de Nederlandse provincie Limburg en vanaf 2013 uit Antwerpen. De wants overwintert, zoals tal van andere insecten, onder de schorsschubben van platanen. Voor zover bekend veroorzaakt het dier hier geen schade aan de boom.”
Edwin maakte ook deze mooie filmbeelden van de plataannetwants.
De plataan
Mensen maken zich weleens zorgen als ze in de zomer onder platanen stukken schors – soms ook grote delen – zien liggen, maar het is een natuurlijk proces waarmee de boom zich tegen verdroging beschermt. Onder de oude schors wacht alweer een nieuwe laag schors. Als mediterrane boom kan de plataan uitstekend tegen warmte – een eigenschap die goed van pas komt met de steeds warmere zomers.

Meer over de plataan, de plataannetwants én andere wintergasten lees je in Roots december/januari (+ Jaarkalender).
Meer lezen
- Tien procent van alle soorten op land zijn afhankelijk van dood hout. En in een bos is dat percentage zelfs 40 procent. Ofwel: dood hout doet leven. In de vorm van duizenden insecten, vleermuizen, vogels, paddenstoelen, mossen en korstmossen, die allemaal dood hout nodig hebben om te overleven.
- In arboretum Poort Bulten vind je zo’n duizend soorten bomen en heesters van over de hele wereld. Het park bij het Overijsselse plaatsje De Lutte is aangelegd door de bekende tuinarchitect Leonard Springer. Kuier met dit Roots-ommetje over zwierige paden langs een imposante mammoetboom en een Siberische iep.
Tekst en foto’s: Edwin Giesbers
